les 1 Waarom discussiëren we?
Waarom discussiëren we in Nederland? Om ons gelijk te halen?
Over het belang van discussie en de rol van drogredenen hierin.
Over drogredenen…
In deze cursus richten we ons op drogredenen. Maar wat zijn dat eigenlijk precies? Drogredenen zijn argumenten die in een discussie worden gebruikt om de ander te manipuleren, met als doel het eigen standpunt sterker of overtuigender te laten lijken dan het in werkelijkheid is.
Zijn drogredenen per definitie fout? In principe wel omdat ze het respect en de gelijkwaardigheid tussen gesprekspartners ondermijnen. Toch is het gebruik ervan niet altijd kwaadaardig bedoeld. Soms is een discussie niet zozeer een woordenstrijd, maar eerder een woordenspel—een spel waarin het overtuigen centraal staat. In zulke situaties kunnen drogredenen ook als stijlmiddel functioneren: ze maken het debat luchtiger, speelser of zelfs humoristisch. In dat geval is het belangrijk dat wij als toehoorders alert blijven, en onze scherpzinnigheid gebruiken om misleiding te herkennen.
Is het mogelijk om drogredenen volledig uit een discussie te bannen? Waarschijnlijk niet. In veel discussies draait het immers om het overtuigen van de ander, en daarbij speelt niet alleen de inhoud van het argument een rol, maar ook de manier waarop het gebracht wordt. Daarom duiken drogredenen in bijna elke discussie wel op.
In mijn eigen praktijk maak ik daarom graag onderscheid tussen een ‘discussie’—waarbij het gaat om overtuigen—anders gezegd: winnen—en een ‘gesprek’, dat gericht is op wederzijds begrip en het samen zoeken naar inzicht. In zo’n gesprek is minder ruimte voor drogredenen, en des te meer voor openheid, luisteren en wederzijds begrip.
Over discussie, democratie en sofisten…
Voor een zinvolle en vruchtbare discussie is het essentieel dat gesprekspartners elkaar als gelijkwaardig erkennen en met wederzijds respect bejegenen. Idealiter draait een discussie niet om het winnen van een woordenstrijd, maar om het gezamenlijk zoeken naar het best mogelijke antwoord op de centrale vraag. In een democratische samenleving is dat geen vrijblijvende wens, maar een morele plicht: het voortbestaan van de democratie vereist dat we zuivere, open en eerlijke discussies voeren.
Maar wat betekent het eigenlijk om in een democratie te leven? Volgens Van Dale (1984) is een democratie een staatsvorm waarin het volk, via vertegenwoordigers, zichzelf bestuurt en vrijelijk zijn mening mag uiten. De kern van het democratisch proces is samenspraak: debat, discussie en de vaardigheid om met woorden invloed uit te oefenen—de retorica.
De democratie is geen moderne uitvinding. In het oude Athene, rond 500 v.Chr., werd al een vorm van democratisch bestuur toegepast. Wel was de actieve deelname aan het publieke debat toen beperkt tot vrije Griekse mannen. Vrouwen, slaven en kinderen waren uitgesloten van deelname en hadden geen stemrecht. Ook in onze tijd is het stemrecht niet voor iedereen vanzelfsprekend: jongeren onder de 18, mensen zonder Nederlandse nationaliteit of zonder inschrijving in een Nederlandse gemeente mogen niet stemmen.
In de klassieke oudheid konden burgers zich voor training in retoriek wenden tot de sofisten—leraren in de kunst van het overtuigen. Hun focus lag echter niet op het zoeken naar waarheid, maar op het winnen van het debat. Daarbij schuwden ze het gebruik van misleidende redeneringen niet. Zo ontstonden de drogredenen, die daarom ook wel ‘sofismen’ worden genoemd.
Ook tegenwoordig zien we dat discussies vaak eerder een strijd zijn dan een gezamenlijke zoektocht naar inzicht. Deze focus op winnen, in plaats van begrijpen, draagt bij aan het dalende vertrouwen in de politiek en haar vertegenwoordigers. Zoek je op internet naar ‘vertrouwen in de politiek’, dan kom je talloze berichten tegen over de schommelingen daarin. Een betrouwbare bron voor dit soort informatie is het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), dat regelmatig onderzoek doet naar het vertrouwen van burgers in de politiek: https://www.scp.nl.
Of het nu gaat om maatschappelijke kwesties of persoonlijke gesprekken, het is belangrijk dat we argumenten kunnen beoordelen op hun waarde. Dat betekent dat we het verschil moeten leren herkennen tussen zuivere argumenten en misleidende drogredenen. In deze cursus gaan we daar uitgebreid op in.
Als introductie op dit onderwerp beginnen we met een fragment uit Plato’s De Sofist. In deze dialoog gaan Sokrates, Theaitetos, Theodoros en een vreemdeling uit Elea met elkaar in gesprek over het verschil tussen een filosoof, een politicus en een sofist. Want filosofen … ‘bezoeken namelijk vaak de steden, om vanuit de hoogte het leven hier beneden te bekijken. Volgens de een zijn ze volkomen waardeloos, volgens de ander juist uiterst waardevol. Nu eens nemen ze de gedaante van een politicus aan, dan weer die van een sofist, terwijl ze een volgende keer op iemand de indruk kunnen maken knettergek te zijn’. Sokrates, beroemd om zijn onderzoekende manier van vragen stellen, was een vooraanstaand figuur in het publieke debat van het oude Athene. Zijn gespreksstijl noemen we tegenwoordig het ‘socratisch gesprek’ en is een voorbeeld van de ‘praktische filosofie’, dus onderzoek gebaseerd op de eigen ervaring. Je leest het eerste deel van hun gesprek – de inleiding – waarin ze langzaam toewerken naar een onderzoek wat een sofist eigenlijk is. In les 5 lees je het laatste deel, de conclusie van hun gesprek. Wil je de betreffende dialoog in zijn geheel lezen dan verwijs ik je graag naar de betreffende literatuur.
Bekijk het fragment via onderstaande link:
Het sokratisch gesprek over de sofist, inleiding
Ter afsluiting en vermaak….
En zo starten de vreemdeling uit Elea en Theaistetos, onder het toeziend oog van Sokrates en Theodoros hun discussie. We sluiten deze les af met een korte videoclip van Youssouf K., de moraalmarokkaan over Plato en sofisten, gemaakt in opdracht van de krant Trouw en te vinden op youtube.
Bij les 1 horen twee korte vragen om de lesstof beter te verwerken.
In les 2 staan we stil bij de eerste twee van de zes drogredenen die in deze cursus aan bod komen.
Tip: Luister de komende tijd eens naar politieke debatten van de tweede kamer, bijvoorbeeld via politiek24 of via het NOS-nieuws.

